Een okergele Opel Kadett. Dat hadden wij. Voor mijn ouders was hij okerkleurig. De rest van de straat noemde het oranje. Het talent van autoverkopers om de meest afzichtelijke kleuren toch verkocht te krijgen – het is iets fantastisch.

Een okergele Opel Kadett. Dat hadden wij. Voor mijn ouders was hij okerkleurig. De rest van de straat noemde het oranje. Het talent van autoverkopers om de meest afzichtelijke kleuren toch verkocht te krijgen – het is iets fantastisch.

Je staat uren voor de spiegel. Make-up in orde, outfit gecheckt, haar perfect ‘gebraid’, gevlochten, gefôhnt, maar er zijn nog wat onzekerheden. Passen de laarsjes wel bij het rokje? En wat met de kimono?


Je bent je nooit echt bewust van de kwetsende aard van bepaalde uitdrukkingen. Onder elkaar wordt dat nogal snel gezegd en het stoort meestal niet echt. ‘Ziede ’t niet? ’t Bijt bekanst in uwe neus!’ ‘Hey dove pot, ik heb het tegen u, laat uw oren eens uitspuiten!’, om maar een paar pareltjes aan te halen.
Lees verderHaar vader had altijd slim belegd. En opeens was time sharing de nieuwe goudmijn. Dus had hij een aantal time slots in luxeappartementen bijeen geïnvesteerd. Op de Canarische eilanden. Kon je ook behoorlijk goed golf spelen, dat hoorde er bij. Lees verder
Een okergele Opel Kadett dus. Dat hadden wij. Voor mijn ouders was hij okerkleurig. De rest van de straat noemde het oranje. Het talent van autoverkopers om de meest afzichtelijke kleuren toch verkocht te krijgen – het is iets fantastisch. Lees verder
“Kijk, kijk, onze Guido speelt mee in de film”. Het is de kreet die menig gezellige namiddag voor mij totaal om zeep heeft geholpen. Ik was de middelste van drie broers en overduidelijk het kneusje. Lees verder
Heel af en toe krijg ik het op mijn heupen van de drang naar nieuwlichterij. Zeker als het gaat over de noodzaak om de dingen te benoemen. Dingen waar ik niet meteen de meerwaarde van inzie, en waarvan ik hoop dat ze nooit ofte nimmer voor mij zullen worden gebruikt. Lees verder

dingen die mijn man niet weet
Jongens. Heren. Mannen… wij zijn prutsers! Het blijkt nog maar eens. Ik ben – zoals u wellicht weet – een fervent maar onregelmatig lezer van de Libelle. Zowel de Nederlandse als de Vlaamse. Goed gemaakt boekje en het verschaft inzicht in de zieleroerselen van de sterke, zwakke kunne. De vrouw, dat onnavolgbare schepsel. Lees verder
Het was toeval. Ik liep een goede vriend tegen het lijf. Een man met mooie principes, uitgesproken zachtheid in zijn omgang met mensen, een schoon exemplaar. Ik was op zoek naar koffie.
De stad waar wij beiden ons thuis voelen, heeft een breed scala in de aanbieding. Van hipsterbar tot ballentent. Lees verder
Ze lag op straat. Ze keek een beetje hulpeloos en ze had pijn, dat zag je. De oude botten doen niet altijd wat het hoofd in gedachten heeft, of is het omgekeerd. Boodschappen, half uit de smaakvol geruite winkeltrolley. Op de stoep.
Intens treurig word ik, wanneer ik met mijn nieuwe conversatiestarter (Rufus, de hond) door de Kempische verkavelingen wandel. Treurig is misschien niet het woord. Eerder verward. Lees verder
“In life you have to do a lot of things you don’t fucking want to do. Many times, that’s what the fuck life is… one vile fucking task after another”
Het is november. Movember maand. Lees verder
Een terrasje aan de Moesel. Lach mij maar uit! Het is een mooie streek, die ik niet kende en ik had er een prachtig weekend met de K-woman. De wijn daar is niet echt mijn ding, al zijn er wel mooie ontdekkingen te doen. Op onze laatste avond streken we neer in één of ander onooglijk dorpje, volstrekt inwisselbaar met de andere dorpjes daar in die regio. Overal witte wijn, overal geruite hemdjes met korte mouwen en verkeerde shorts, maar dat geeft verder niet.
Een koppel kwam aangewandeld, en je kon niet anders dan er naar kijken. Een grote vrouw met nieuwe borsten Lees verder
‘Papa, kun je dit eens wisselen?’ Mijn dochter stond met een briefje van 50 voor me. Uiteraard kon ik dat, ik had Twee twintigjes en een tientje op zak, dus dat lukte. Maar dat wilde ze niet. ze wou zoveel mogelijk briefjes van vijf! Want die had ze nodig. Na wat zoeken en prutsen vond ik ze. dochter blijgezind weg. Een enorme schreeuw volgde vrij snel van op hun slaapkamer, joelen en lachen. Dochters blij, dat is fijn. Lees verder
Ik heb er op gesakkerd. Ik heb er op gevloekt. Ik heb er mee gelachen ik heb er mee gedold. Hij en ik, dat was een nimmer aflatende botsing van keikoppen. Het is onzeker wie ooit won; als er al een winnaar nodig was. Het was geen strijd, het was meer een continu scherp houden van elkaar.
Ik zal nooit vergeten dat hij op een zomerdag, na een fantastische tocht, uiteindelijk toch neerzeeg en ik heel even, echt heel even, misschien tien minuten, meer niet, het gevoel kreeg dat ik hem fysiek de baas kon blijven.
Ik heb er ook waanzinnig intelligente, absurdistische conversaties en gesprekken meer proberen te voeren. Lees verder
U weet dat niet, maar ik neem regelmatig het openbaar vervoer. Ondanks alle twitter geneuzel vind ik dat dat meestal erg goed meevalt. Je hebt al eens wat vertraging, maar dat is niet zo erg, meestal kun je gewoon ergens doorwerken, iets lezen, wat drinken. Het heeft er misschien ook mee te maken dat ik graag in stations en luchthavens rondloop. En allicht is de belangrijkste reden het feit dat ik het me kan permitteren om buiten de spits te reizen. Bij deze dus nu al excuus voor wie zit te briesen op zijn stoel. Lees verder
‘En dit is dan een witte Côtes du Rhône, bijzonder verfijnd…’
De wijnhandelaar schonk drie glazen uit en zette het professionele wijndrinkersneus-gezicht op. Er stonden al wat glazen en ontkurtkte flessen voor hem, en het was niet bepaald de gezellige, uitgelaten sfeer die je bij dat soort proeverijen vermoedt. Lees verder
De Morgen wou er liever niet aan, wegens niet strokend met hun opinie over vrouwen en uitbuiting, waarvoor alle respect. Dus heb ik hem maar hier geplaatst… Met als voordeel dat ik er ook nog een prentje bij kan plaatsen
U vraagt zich allicht nu al af wat de maatschappelijke relevantie is van een stuk over ‘Vlaanderens bekendste hoer’, zoals ze zichzelf graag omschrijft. Die ligt op verschillende vlakken. Een tijdje geleden werd in De Morgen, in een artikel van Saskia De Coster, een discussie gevoerd over prostitutie en het verbieden ervan. Lees verder
Heel af en toe moeten wij, de jongens en meisjes van de ambulante handel, wel eens op bezoek bij onze klanten. Soms hebben we zelfs gesprekken bij prospecten. Het leven straalt ons immers toe, als kleine neringdoenders, en de business floreert als nooit te voren.
Ik vind dat wel gezellig. Je ontmoet nieuwe mensen. Het is altijd prettig, ook als er niet onmiddellijk werk uit komt. Je krijgt immers de kans om tegen iemand anders dan Twitter te babbelen. Je produceert zelfs stemgeluid en het is dé reden bij uitstek om nog eens een hemd te strijken, schoenen te poetsen, wat een welkome afwisseling is van de normale, ietwat sjofeler dagelijkse klof. Lees verder
Ach ja. Oude liefde roest niet. Ik heb altijd al een zwak gehad voor de zomerprogramma’s van Radio 1. Voor veel programma’s van die zender eigenlijk.
Als student broste ik met plezier op maandagochtend om ‘Crime Time’ te kunnen beluisteren, waarbij Julien Put detectives voorlas. Zo simpel kan radio zijn. Nadien, erelid geworden, het allereerste zelfs, van ‘Jongens en Wetenschap’.
En regelmatig al eens een keertje een bijdrage voor ‘Camping Casablanca’. Lees verder
Ik heb het er mee gehad. Het eeuwigste gezever over ‘wat voor een charmeur ik wel ben’. Het zal uiteraard aan mijn taalgevoeligheid liggen, of het gebrek daaraan, maar ik ben helemaal geen charmeur. Ik heb alleen geen probleem om met vrouwen te praten. Voilà!
Het zit namelijk zo. Ondanks het feit dat ik bij wijze van spreken concurrentie geef aan de grootste kluizenaars, overkomt het mij van tijd tot tijd dat ik toch nog wel eens een stapje in de wereld zet. Hetzij privé, hetzij beroepsmatig. Grof geschat is de helft van de wereldpopulatie vrouwelijk. De kans dat ik met een vrouw babbel is één op twee, nog daargelaten het feit dat ze meestal over meer onderwerpen kunnen zeveren dan mannen (auto’s sport, drank en vrouwen), en dat ze beter luisteren, wat hen – in mijn ogen alleszins – tot leukere gesprekspartners maakt. Lees verder
Ik ben een trouwe fan van “Bloggen zeg ik!”. Ik ben altijd blij als ik mijn reader opendoe en er is een nieuw stukje van haar verschenen is. Niet dat ik kan zeggen dat ze er altijd de beste bijvoeglijke naamwoorden voor gebruikt, maar ze is spits en raak in de formulering.
Groot was dan ook mijn verbazing toen ik recent een quasi frontale aanval te verduren kreeg omdat ik het aangedurfd had de verdediging van de naaldhak op mij te nemen. Puur omwille van het esthetisch genot. Kreeg ik me daar toch een veeg uit de pan, en moest ik het zelf maar eens proberen…. Lees verder
Ik geef het toe. ik heb het er knap lastig mee gehad. En in alle eerlijkheid, ik ben dan ook nog eens zo een mietje dat ik ineens geen zin meer had in schrijven. Niet omdat ik het niet graag doe, maar omdat ik begon te twijfelen, of a) ik het wel kon b) er überhaupt iemand in geïnteresseerd was. Vandaar dat het hier zo stil bleef. Lees verder
Wij van de ambulante handel spreken dikwijls af op café. Om te werken, om files te vermijden, afstand te delen. Efficiënt zijn en toch nog goede koffie drinken, het is cruciaal. Onlangs waren we zo ergens beland in een etablissement waar ‘ne Miss America’ stond.
De oudere lezers kennen dat. Een soort gokmachine waarbij je vijf ballen in een zo voordelig mogelijke configuratie moet zien in gaatjes te krijgen. Lees verder