Maarten, Beste Maarten

MaartenIk kreeg een mail, van Maarten. En ik was daar blij om.

Omdat ik dacht dat ik belangrijk was, en eindelijk ontdekt. Maarten vond mijn blog namelijk aansluiten op een niche/sector. Mijn hart klopte meteen wat sneller… Eindelijk iemand die instinctief begrepen had dat ik een niche aanboorde, aansprak en dat ik daar mocht voor beloond worden. Hij had daar namelijk geld voor over, ik mocht zelf bepalen wat en hoe! Als dat geen feest is… Lees verder

Een tikje

Defeat

Ik geef het toe. ik heb het er knap lastig mee gehad. En in alle eerlijkheid, ik ben dan ook nog eens zo een mietje dat ik ineens geen zin meer had in schrijven. Niet omdat ik het niet graag doe, maar omdat ik begon te twijfelen, of a) ik het wel kon b) er überhaupt iemand in geïnteresseerd was. Vandaar dat het hier zo stil bleef. Lees verder

Vreemd gaan

virtueel-vreemdgaan-350x262

Ik beleef er ontzettend veel plezier aan. Het is een soort ontdekkingstocht door de kop van die andere. Het begint met een vraag, en daar probeer je dan zo goed mogelijk op in te spelen. Spannend ook… Omdat je niet weet hoe de andere gaat reageren. En iedere keer weer is er die opluchting als je ziet hoe ‘je partner in crime’ straalt, of gewoon blij is na afloop. Nooit is het zeker, maar na verloop voelt het zo vertrouwd aan alsof je het gewoon thuis, voor jezelf doet.

Ik heb het over schrijven! Sinds een klein jaar heb ik me op het pad begeven van het schrijven voor anderen. ik noem dat vreemd gaan. Omdat je toch iets vreemd doet. Je eigen kop laat je niet achter. en je moet je in de kop van die andere, dat bedrijf verplaatsen. Bij sommige klanten gaat dat makkelijk, en erg natuurlijk. bij anderen neemt dat meer tijd.

Recent heb ik zo een opdracht aanvaard voor een goede vriend. Ik wist op voorhand dat dat een moeilijke zou worden. ik ken hem als minutieus, professioneel, perfectionistisch en van het type ‘super-proactieve-meedenker’. Mocht het geen vriend zijn, ik zou dat omschrijven als bemoeizieke regelnicht. Maar het is een vriend. En daarom schrijf ik dit stukje ook, omdat ik vaststel dat het maar is door weerstanden te overwinnen, door te begrijpen hoe die andere in elkaar zit, dat je er in slaagt de teksten die je voor hem moet maken, ook daadwerkelijk op dat niveau te krijgen. En liefst ook zonder jezelf te verloochenen. Anders is er geen lol aan.

En dan helpt het zelfs als je met zo iemand te maken hebt, die durft zwijgen, die durft spreken, die zegt waar het op staat. En samen werk je aan een ‘tone of voice’, aan een manier van werken die toelaat dat je op de duur perfect weet hoe die andere zijn stukjes, blogposts of columns wil krijgen. Verrijkend en fascinerend.

Dus als u het ook even wil proberen, u weet me te vinden.

Evernote neurotica

images

Ik heb me bij het begin van dit jaar voorgenomen om me niets aan te trekken van deadlines, publicatie tijdstip en  ‘wat hoort en wat niet’. Gewoon bloggen. Gisteren was het zover, een absolute baaldag, en ik had alleen maar zin in schrijven.

Nu moet u weten dat ik bij momenten behoorlijk ‘compulsief’ kan zijn.  Ik ben een ‘teller’  een ‘ordener’ en een ‘geometrist’. Teller omdat ik systematisch de treden tel bij elke trap die ik oploop. Geometrist omdat er parallelle verbanden zijn die dienen gerespecteerd te worden. Onderleggers in restaurants moeten netjes meelopen met tafelranden, glazen moeten op de juiste manieren neergezet worden, zodat er zoveel mogelijk congruente verbanden mogelijk zijn. Een ordener ook, van klein naar groot, van A-tot Z van 1 tot 12,… zelfs mijn keukenkruiden moeten bij aanvang netjes op alfabet en liefst ook nog eens op kleur geranschikt worden. Eén van mijn lievelingssites in die context vind je hier.

In weerwil van het nonchalante voorkomen en handelen, zijn er bepaalde dingen die in orde moeten zijn, eer ik aan schrijven toekom. Procrastinatie zou een andere omschrijving kunnen zijn. Ik schuif het voor me uit, met zoveel mogelijk andere zinloze klusjes die toch vitaal blijken te zijn… Zoals dat ene stapeltje boeken, dat daar al zo lang ongeordend ligt… gauw even van groot naar klein ordenen, hè bah, er zitten twee poëzie bundels tussen, nu moet ik toch een poëzie stapel aanmaken… Oei, er is geen plaats meer, misschien toch alles maar even beginnen herschikken? Welk systeem? Kleur? Uitgever? Auteur… Miserie, heerlijke miserie.

En oh ja, het is ook nog eens de opening van het wielerseizoen, toch even kijken. En ondertussen de mailmapjes even ordenen, ik droom er al zo lang van. Om 17u was het onvermijdelijke dan toch aan de beurt. Ik had geen excuses meer. Alles was gepoetst. Clean desk, clean glass, clear mind. Het kon beginnen.

Gelukkig was er toen Evernote. Voor wie het niet kent, het is absoluut – voor mij toch – een levensnoodzakelijke app. Het synchroniseert tussen ipad, iphone en desktop, en je hebt op een overzichtelijke manier al je notities bij.

Ik gebruik het al jaren en het is met stip één van de meest bruikbare tools. Ik weet dat er veel kunstiger alternatieven bestaan, maar voor mij doet deze het. (In weerwil van het groene logo, dat zorgt voor kopbrekens omdat ik eigenlijk een homescreen op mijn iphone wil met alleen maar blauwe logo’s. Ik heb dat opgelost door de onderste rij groen te maken (Evernote/Messages/Phone/Spotify (alfabetisch)). Het kan, maar ’t is jammer.)

Om te schrijven is het heel simpel.Ofwel heb ik mijn stukje in de kop bij het thuis komen, ofwel heb ik het op café ‘klad’ neergepend in een Evernote notitie, en pik ik het van daar op.

Toen ik daar gisteren wou aan beginnen wegens geen cafébezoek gehad, zag ik dat ik over net iets te veel notities beschikte en dat ik ze bovendien niet netjes ‘getagd’ had… U raadt het al. Dat moest eerst gebeuren. ik ben daar nu volop mee bezig,

Vandaar dat het schrijven nog even op zich laat wachten, maar daarna word ik een ‘lean-mean-writing-machine, met een niet te stoppen woordenstroom tot gevolg.

U weze gewaarschuwd!

Haasje Over

IMG_2053

Soms, heel soms, wordt er wel eens naar Carmiggelt verwezen, door mensen die mij graag lezen. Ik ben dan erg blij. Zelf doe ik nooit dat soort uitspraken.

Carmiggelt? Hoor ik jongere lezers rologend denken. Is dat die ouwe dooie Hollander die stukjes schreef op café, over triestige mensen.

Carmiggelt, ik wou er onlangs wat boekjes van kopen in De Standaard Boekhandel, en ze moesten besteld worden. De stem aan de telefoon vroeg meteen of ik de versie voor slechtzienden wou, die werden het meest gevraagd namelijk… met grote letters.

Carmiggelt, het is zonde dat het niet meer gelezen wordt. Hij schreef inderdaad stukjes. Hij penseelde ze.  Trefzeker, mooi en ontroerend grappig.

Een vriend van me, gaf me onlangs een boekje van hem cadeau. Hij is ook een fan, al doet dat woord afbreuk aan ons beider erkenning van ’s mans talent. Een dun boekje met verhaaltjes. Ik kende ze van vroeger, die geestige ‘cursiefjes’ . Zo heette dat toen.

Ik vond dat als jongmens prettige lectuur, pretentieloos.  Ik ben een veellezer, altijd geweest. En snel dus ook. Maar voor het eerst bleef ik stilstaan bij zinnen, proefde ik kadans, ritme, metrum, in een schetsje.

Wie zinnen als deze bijna achteloos neerpoot, verdient meer dan één standbeeld.

“De vrouwen zaten naast elkaar in de geladen eendracht, die door gezamenlijk beleefd scepticisme ten aanzien van de andere sekse wordt gesmeed. Het motto van ons samenzijn luidde: ‘wij amuseren ons.’

Carmiggelt lezen brengt nederigheid met zich. Japin, Baricco, Coelho, die hebben ook mooie zinnen geschreven, maar deze man heeft geeneens een hele pagina nodig om een  leven samen te vatten, een situatie te schetsen.

Het zou opnieuw verplicht moeten worden…

 

Over schrijven…

Mensen vragen dat soms wel eens. ‘Hoe gebeurt dat eigenlijk dat schrijven?’ of ‘Daar kruipt nogal wat tijd in zeker, altijd opnieuw die stukjes?’

Ik zit daar altijd een beetje verveeld mee, omdat het eigenlijk niet zo is. niet dat ik rot zit van het talent, verre van, maar het gebeurt allemaal nogal intuitief. Ik denk dat ik mijn beste stukjes geschreven heb, half stomend, nog met mijn jas aan, ergens op de hoek van een halfgedekte smerige keukentafel. Gutsend, hamerend op de toetsen van mijn mac. In één gooi, ternauwernood nagelezen. ‘Daar, ’t is klaar, ik zal eens efkes mijn gedacht zeggen’. Nadien attenderen vrienden, fans, en zachte zielen mij op taal- en andere fouten. Simpel zat.

Maar het echte ‘Schrijven’, de Groote Kunst der Letteren, jaaaaah, daar heeft deze jongen wel degelijk systematiek, methode en hulpmiddelen voor.

Soms vind ik het namelijk wel eens leuk om te fantaseren dat ik een schrijver ben. Denk aan de – voor mij – onvergetelijke scene van 37°2 le matin. Zorg zit aan een zuinig verlicht keukentafeltje, in marcelleke, met sigaret losjes in de mondhoek en de fles whisky op de tafelrand balancerend, zijn groot meesterwerk te plegen. Aangezien ik niet over die mens zijn fysieke uitstraling beschik, heb ik een ietwat andere invalshoek. Mijn werktafel moet ook volkomen clean zijn, enige wat in die setting getolereerd wordt is of een schaal groene appels, of een boeket tulpen. De muziek op de achtergrond is een eclectisch mengsel, jazz en klassiek, beetje high brow uitstraling. Mooi glas wijn ernaast. Nog steeds geen letter op papier gepleurd. Graag ook een proper gestreken wit hemd.

Dan de desktop. volledig clean, no clutter. Daar hou ik echt wel van. Zoals plaatje bewijst.

Desktop op kalme momenten

En dan smijten we Ommwriter open. Geweldig programma vind ik dat, en absolute aanrader voor iedereen die geen afleiding kan verdragen. Het lukt mij de laatste tijd ook beter en beter om daar mee te werken, omdat mijn twitterstream zich netjes en prettig ontrolt op het ipad scherm dat naast me ligt.

Daarnaast is het ook zo dat ik op ommwriter het geluid van een oude typmachine kan nadoen, wat u hier even kan checken.

Ik vind dat prettig. Het enige wat ik in die context mis, is het roken. Ik rook niet, maar het schijnt er zo bij te horen. Zelfgedraaide, smerig lekkere sigaretten, die blauwe rook die opkringelt. Tsjonge, ik zou er een linkerlong voor geven om het ook echt lekker te vinden. Nog steeds geen letter geschreven.

En vanaf dan begint de chaos opnieuw te regeren. Want bovenstaand werkt dus eigenlijk voor geen meter. vanaf dan begint de procrastinatie. Even een quote, een stukje tekst, iets opzoeken op google en verdwalen. Of gewoon TV kijken. Vanuit de zekerheid dat het er toch altijd opnieuw uitgulpt als het nodig is.

Het enige wat wel waar is. Het duurt oneindig lang eer ik iets op papier zet. Maar eens de eerste letters aangeslagen, gaat het razendsnel. Om dat te kunnen heb ik twee dingen nodig. De titel en de eerste zin. Vanaf dan lukt het altijd weer. In één keer. Ik loop meestal zo lang op die eerste zinnen te kauwen, dat ik het hele verhaaltje al tien keer in mijn hoofd heb verteld. Ik hoef er niet meer over na te denken tijdens het schrijven, wat prettig is omdat er dan tijd vrijkomt om spelletjes te spelen, en er die woorden in te verwerken die heel toevallig voorbijgedwarreld komen. Extra punten, als het ware.

Als ik één advies zou mogen geven aan mensen die zich ook schrijven willen wagen, maar twijfelen, dan is het wel dat: Gewoon schrijven, associëren, vertellen. niet teveel nadenken. Aanpassen en opschonen kun je altijd later nog doen.

En dan is er nog de kwestie van de inspiratie. Heel eerlijk, die ontbreekt nooit. De bronnen zijn veelvuldig. Ik haal de vier voornaamste aan, in stijgende volgorde van belangrijkheid.

Wandeltochten met Spike. Waar men gaat langs Vlaamsche wegen komt men inspiratie tegen. hetzij de kleinburgerlijkheid, of de heerlijke absurditeit van situaties, maar meestal worden die tochten gebruikt om bestaande verhaaltjes aan te scherpen, situaties anders te bekijken, het voorbereidende schrijfwerk.

Water. Douche en zee… ik weet niet wat het is, maar water inspireert. Het is altijd zo geweest. Oplossingen voor problemen, onderhandelingen, briljante vondsten, ze komen bij mij onder de douche. Nooit in bad, dat is te statisch, te warm. Maar een douche, dat doet het. De zee ook. ‘T is alsof het water in beweging moet zijn.

Drank en café’s. Ok, beschuldig mij maar van alle slechte dingen. Ik drink graag. En misschien soms te veel, maar laat dat dan ook één van mijn weinige zondes zijn. Ik vind dat gewoon lekker. Er is een magistrale scene in West Wing, waarbij de stafchef van het witte huis die onder vuur ligt omwille van alcoholverslaving, vertelt dat hij mensen niet begrijpt die kunnen stoppen met drinken; hij houdt van de klank van ijs in een glas, het geluid van de whisky, en snapt niet dat mensen kunnen zeggen dat ze genoeg hebben. ik heb dat altijd een erg mooi beeld gevonden.

Wellicht drink ik meer dan goed voor me is. Ik denk eerlijk gezegd dat het nogal meevalt, en ik kan niet ontkennen dat het inspireert. Niet altijd het betere werk, maar alleszins wel de meest originele invalshoeken. En als het de volgende dag de herlezing doorstaat heb je meestal een winner. Ook de cafés zijn plekken waar observaties, verhaaltjes altijd opnieuw voor het rapen liggen. soms moet je ze uitvinden, maar de dranklokalen die ik betreed zijn van die aard dat gesprekken met wildvreemden nooit ver achter blijven. Mits een twist worden dat altijd opnieuw mooie stukjes. vind ik.

De grootste bron van inspiratie is en blijft echter de verwondering van de K-woman. Ik ben er niet beschaamd over om te zeggen dat de scherpste observaties en snedigste beelden erg dikwijls van haar komen. Ze heeft op de één of andere manier de gave om zich te verwonderen, niet verloren en dat levert heel erg dikwijls rake ‘soundbites’ op. Opportunist die ik ben, zet ik dan om in teksten. Het is niet anders. Ik weet ook niet of ik daar beschaamd om moet zijn. Ik schrijf ze nog steeds zelf, maar de pieken in appreciatie, tja die kan ik wel duiden. Mijn probleem, niet het uwe…