Beste Dagboek

Sangria & conversatie

Witte Sangria voor Nederlandse dame

Ik heb je verwaarloosd! Dat spijt me. Ik weet het, ik blog te weinig op dit moment.

Dat heeft veel te maken met ‘Het Geheime Project’, waar nogal veel energie en creatieve aandacht heen gaat.

Of met dat  andere projectje:  ‘Over de Grens’. zou het niet leuk zijn mocht ik er in slagen om met elk van die acht bijdrages als ‘meest gelezen’ van die dag te scoren? Dan kan ik misschien meer schrijven voor Nederlandse kranten en/of tijdschriften (ja, dit is een oproep!).

En ja, het broodschrijven eist ook zijn tol. En daar ben ik blij om. Hier en daar je creativiteit ten dienste mogen stellen van mensen die begrepen hebben dat ze goede content kunnen gebruiken voor hun online verhaal, ik ben er blij om. Lees verder

Ongelofelijk connected en ontzettend eenzaam

We zijn aan’t ontsporen. Allemaal samen. Allemaal samen zwermen we van het ene naar het andere, op zoek naar het nieuwe, het betere, het andere. Mocht ik niet beter weten, ik zou zweren dat we iets zochten.

Ik sla gemakshalve een paar jaar over over, maar het afgelopen jaar na de kouwe kak/scheet in een fles (schrappen wat niet past) van Diaspora, zag ik iedereen naar Quora zwermen, om daar tot de vaststelling te komen dat we elkaar eigenlijk niet zo bijzonder veel te vragen hebben.

Niet getreurd, Linkedin was aan een inhaalbeweging bezig, dus allen daarheen. Een wildgroei van groepjes, discussies, newsplatformen, blijk gevend van bedrijvigheid, maar een vreselijke  inhoudelijke armoede etalerend.  Onder het mom van bezig zijn worden er schijndiscussies geïnitieerd waar een beetje onderlegde eerstejaarsstudent economie eigenlijk meteen antwoord op zou (moeten) kunnen geven. En alles wordt met een aura van expertise omhuld, terwijl het fundamenteel niets te betekenen heeft.

Pas op, ik pleit mezelf niet vrij, ik doe heel hard mee. Na Linkedin (new and improved) kwam Google+, en ondanks zijn kwaliteiten en mooie layout vrees ik dat het ook niet echt de killer app zal worden… maar ik kan me vergissen.  Tussendoor hebben we ook even de Pinterest hype meegemaakt, mooi, veelbelovend en creatief, maar toch ook een gigantisch herkauw-apparaat.

En toen kwam Connect.me en ik vergeet er nog een paar, allemaal leuk, en allemaal mensen die – net als ik –  als ‘dewiedeweerga’ hun hele netwerk van het ene platformpje connecteerden naar het volgende, om te beseffen dat ze er daar ook niets mee uitrichtten. En ik wil niet gezegd hebben dat elk van die platformen geen meerwaarde heeft, verre van, daarvoor ben ik een te enthousiast gebruiker. Ik deel een overweging, meer niet.

Spotify… zelfde verhaal, het werd een erezaak om er als de kippen bij te zijn. De Early Adopters konden pochen over hun moeilijkheden om hun UK account om te zetten naar een Belgische, de andere lieten zo snel mogelijk weten dat ze niet opgerzet waren met Justin Bieber/Selah Sue reclames tussen de muziek. Ik denk dan, wees blij dat het Milow niet was! Maar dat terzijde.

In no time zitten we met zijn allen weer bij elkaar in de anonieme warmte van weer een nieuw dingetje waar we wat bij elkaar kunnen binnenkijken.  En het is niet verkeerd, je leert mensen echt wel op een andere manier kennen. Gortdroog op linkedin, geestig op twitter en met een verrassend goede muzikale smaak op lastfm, of spotify.

De grootste tristesse moet echter nog komen, ik ben nog niet klaar. Ik ben al een tijdje fan van Komen Eten, omdat het zo bevreemdend is, voyeurist, intriest en hilarisch. En toegegeven, met Twitter op de voorgrond is het even mooi amusement als het Eurovisie songfestival met vrienden samen. Maar al die mooie mensen, intelligent, en hard werkend, en met zo veel geweldige boeiende mogelijkheden om zich te amuseren, zitten mooi na, of tijdens, het eten naar het ‘kaske’ te kijken,  alleen, of met twee en met elkaar te communiceren via de interwebs.

De vooruitgang meneer!

En dan begin ik te denken. En vooral ook naar mezelf te kijken. De ‘attention span’ in heel dit verhaal, die wordt alsmaar kleiner.  Wie een paar jaar geleden continu zijn status update op facebook werd gevraagd of hij niets beter te doen had. De halveringstijd van een bericht op facebook is volgens mij nog ongeveer een halve dag, daarna verzinkt het onherroepelijk naar de achtergrond. Bij Twitter is dat nog minder. Als je niet post, besta je niet.

Ik weet waarover ik het heb en u, als u eerlijk bent ook. Extreem vroeg opstaan en je hersenen pijnigen om origineel te zijn en te tonen dat je er al weer bij bent. Snel reageren. Geestig zijn. Begrijp me niet verkeerd, ik vind het een heerlijk medium. Maar zoals al eens gezegd ’t is een gigantisch café, waar je’t overzicht kunt behouden en naadloos van de ene conversatie in de andere kunt binnenbreken, en dus ook oeverloos kunt lullen. I love it.  Maar wat stelt het allemaal voor? En hoe zwaar grijpt het in, in echt productieve tijd?

Ik maak mezelf dan wijs dat ik het doe tijdens de dode uren in de auto, maar die uren hoeven niet dood te zijn, ik zou ze even goed kunnen besteden aan echt denkwerk. In plaats daarvan hengel ik naar aandacht, en promoot ik een imago, waar ik me dan nadien moet voor forceren om het ook nog eens waar te maken.

En u doet hetzelfde. Echt wel. U gaat samen met kindjes op stap en beide echtelieden putten zich uit om instagrammetjes, digitale hierogliefen uit te wisselen over wat ze aan’t doen zijn.  En iedereen kijkt via het schermpje mee, hoe gezellig het wel is. Ik weet niet hoe gezellig dat wel is? Ik denk dat het veel gezelliger kan. Als ik met mijn lief op stap ben, dan wordt er gepraat, ruzie gemaakt, gelachen, geleefd, maar de behoefte om uitgerekend dat ‘samen’ te doorbreken door individuele kreetjes in cyberspace is onbestaand.

Toevalligerwijze zat ik gisteren met twee van mijn kinderen (laat ons ze gemakshalve water en vuur noemen) aan tafel, en begonnen we te praten. Lang heeft dat geduurd, en bevredigend was het gevoel. En warm de herinnering, zelfs de dag nadien.  En in alle eerlijkheid, het was juister en voelde beter aan dan een tijdslijn vol bijval van mensen over weer een gevatte geestigheid. En nogmaals,  als geen ander, ik kick op die geestigheden!

Ik las gisteren dat creatie kennelijk geboren wordt uit frustratie, métier en eenzaamheid, (Stone). Ik wil dat wel geloven. In plaats daarvan blijf ik dikwijls  gebiologeerd naar het schermpje, de schermpjes staren. Krijg ik wel genoeg #FF? Evolueren mijn social metrics wel in de juiste richting?  Ben ik wel ‘bezig’?

En ik verrechtvaardig het door te stellen dat ik converseer met mijn lezers, mijn fanbase, mijn virtuele vrienden. En dat zijn ze ook echt, iedere keer ik twitjes tegenkom in het echt blijf ik me verbazen over de geestigheid en de veelzijdigheid van hun persoonlijkheid. Het is toch gewoon veel leuker ‘in ’t echt’  meestal?

Mijn dochter zei gisteren, het nadeel van facebook is dat je nooit meer een verhaal kunt vertellen tegen vriendinnen, want ze weten het al van op facebook. Hoe triest!

En het absolute dieptepunt is nu bereikt, waarbij heelder hordes intelligente mensen Scrabble liggen te spelen. Niks mis mee, alleen doen ze’t via hun tablet, of smartphone, in stilte. Alleen. Zonder te kunnen lachen om bijeen gefantaseerde woordjes. En ze cheaten, om te kunnen winnen…  How low can you go?

Met wat pech spelen ze tegen elkaar… woordenloos.

Ik spreek Vrouws

Ik spreek vrouws

Vrouwen weten van aanpakken. Ze zijn georganiseerd op het efficiënt uitvoeren van taken. Ik heb het hier niet over slap gelul zoals multitasking. Neen, ik heb het over “getting things done “. Op tijd, en zoals verwacht. Het is verbazingwekkend.
Ooit vroeg ik  een vrouwelijke collega om even iets voor me te doen, en ik kreeg een staalharde “neen”. Of liever, ik kreeg een poeslieve glimlach en de melding dat ze dat niet ingepland kreeg wegens volledig georganiseerd voor de komende vier weken met haar eigen werk en prioriteiten. Het was nog waar ook, elke taak stond minutieus in de agenda.  Er waren ook geindexeerde to do lijstjes, met prioriteiten en kleurtjes.

Daarmee vergeleken is mijn agenda een studie in Japanse esthetiek en soberheid, hier en daar een naam, een telefoonnummer, een verdwaalde notitie, een goedbedoelde intentie om minutieus te acteren waarover mijn leven gaat.  Waar ik een druk leven leid, hebben zij het druk. Waar ik bezig ben, doen zij dingen. Waar ik puffend een deadline haal, of net niet, warmen zij zich al op voor de volgende taak.
Aan de universiteit was dat al zo, ik zat panisch en koortsachtig de hele cursus door te vlooien op een halve dag van het examen en mijn vriendin ging even fietsen, want ze was klaar. Hoe kun je ooit klaar zijn?  Ze haalde bovendien vlotjes onderscheidingen.

Ja, ik bewonder ze. Daarvoor. En voor de lichtvoetige elegantie en de pasklare oplossingen op onoverkomelijke mannelijke problemen.  Maar niet altijd. En al helemaal niet als ze spreken. Echt waar niet! Ik begrijp ze niet. Het gaat niet over de woordjes, het gaat niet over de complexiteit van hun zinswendingen, het gaat over effect van communicatie, over zin en onzin van de verstrekte informatie, over het vullen van ether met, met, ja met wat? mededelingen waar ik verder niets mee kan. En het ergst van al, ik weet niet eens hoe ik er moet op reageren?

U kent dat ook. Na een dag werk, krijg je de gevreesde vraag, waar bij mijn weten geen enkele man al juist op heeft geantwoord; “Hoe was je dag, schat?” Het antwoord is bij mij onveranderlijk “Goed”, of “Saai”, of “t was ok”.
Er is bij mijn weten geen enkele man, of hij moet van bloemschikken houden, die daar al ooit meer op geantwoord heeft.
En dan krijgen we verhalen. Verhalen over die ene die wat zei, tegen die andere, en toen zei zij weer, waarop ik zei, “ik zeg nog, zeg ik tegen hem. Waarop hij tegen mij zegt, dat het toch wel ongelofelijk is “

Dames, dat is te moeilijk, dat is herbeleven van conversaties, van heelder momenten uit jullie persoonlijke biotoop, en wij – de mannen – kunnen daar niets mee. Dacht ik.
Een goede vriendin heeft me namelijk uitgelegd hoe je daar mee om moet gaan. Je moet luisteren als een zusje. Zo simpel is het. En het is inderdaad zo simpel. Het gaat er namelijk niet om dat we iets toevoegen, het gaat er gewoon om dat we het verhaal zijn beloop laten, op een actieve participerende wijze. Het instrumentarium dat je daartoe dient te gebruiken zou je kunnen omschrijven als ondersteunend geknor, maar het is belangrijk dat je betrokkenheid toont, dus niet zomaar instemmend meegrommen.
Ik denk spontaan aan woordjes  als  “Maar, enfin?!”, “Meen je dat nu echt?”, “Goh, en wat zei jij toen?” en dies meer. U merkt het, de vraagvorm is essentieel, en helpt bij het verder formuleren van de stellingen, ideeën en theorema’s. In de geneeskunde noemt men dat de client centered therapie van rogers, maar ik zou nooit zover durven te gaan om te beweren dat vrouwen nu als patienten moeten beschouwd worden. Ik kan alleen maar zeggen dat het werkt.  Sinds ik het doe, gaat de kwaliteit van mijn relatie er met sprongen op vooruit, en kan ik met recht en rede zeggen dat ik vrouws spreek. Men zegge het voort!

(column ook verschenen in DMix, het vakblad voor marketeers met een open vizier)