Het marketing congres

STIMA LOGO

Het jaarlijkse ‘internationale’ congres van stichting marketing. Mens wat heb ik me daar geamuseerd. Vroeger. Ik heb er ook veel geleerd, over alle aspecten van dat schone vak.

Wat je wel en niet mocht zeggen, hoe je bepaalde mensen met zeer veel respect diende te bejegenen, wegens momentaan hoog op de ‘tower of power’. Hoe je anderen ook besmuikt mocht catalogeren onder de ‘has-beens’, op basis van hun recente mislukking. Keihard en ongenadig en soms een heel klein beetje hypocriet. Maar dat is niet het alleenrecht van een marketing congres, dat kom je overal tegen.

Het is ook niet de bedoeling om te gaan natrappen, verre van, ik heb er veel vrienden gemaakt, misschien wat oppervlakkiger dan ik soms zelfs wou, maar dat hoort er allicht ook bij. Ik heb er rondgelopen, als een vis in het water. Het was mijn natuurlijke biotoop. Spelen, babbelen, contacten leggen, wisecracks spuien, ik kon het als geen ander. Mild anarchistisch de bar proberen open breken voor het aangekondigde uur, zeer tot verveling van de mensen van Pernod-Ricard. Sjoemelen met giftbags,  drinkgelagen organiseren, side events opzetten, alles om de verveling, de sleur te doorbreken. Baldadige heldendaden van schooljongens.

De laatste twee jaar ga ik niet meer. En vandaag is het weer zover en ik vraag me dan af, mis je het, of mis je het niet?  Ik mis het wel een beetje, de vrolijke sfeer, want het moet immers goed met je gaan, dat is een uitgangspunt voor succes.  De K-woman is daar veel radicaler in, die gaat er naar toe voor een paar sprekers die geacht worden interessant te zijn en voor een paar mensen, die de moeite waard zijn en waarvan het lang geleden is dat ze ze gezien heeft… Geen behoefte aan chitchat. Die kan dat.

Ik niet, ik kom altijd tijd te kort om al mijn zogenaamde vrienden een handje te schudden. Ik geniet wel van de warmte. Ook al is die vergelijkbaar met die van een goedkoop blazertje uit de eldi, al dan niet met namaak houtvuurprint.

Het is een act, en tegelijk ook weer niet, ik ben oprecht blij om sommige ex-collega’s en kennissen terug te zien, en ik zie niet in waarom zij dat ook niet zouden zijn. Maar het kan natuurlijk wel. Afgunst en nijd , het is van alle tijden.

Wat ik me wel afvraag, is of het wel optimaal is, zo’n 2-daags congres. Doe even de denkoefening mee. De bedoeling is tweeledig. Zinvolle spreekbeurten, waar je inzichten kan verzamelen, en netwerken. Business doen, lijkt me erg moeilijk, ik zit te wachten op de dag dat er 1000 consultants en agency mensen in een dubbele rij staan om die ene adverteerder/fabrikant te begroeten, die over de rode loper binnengeschreden komt… zijn besteedbaar budget frivool op het voorhoofd getatoueerd. De massa consultants en account managers strooien wellustig hun business cards over zijn hoofd, een one man ticker tape parade…

Die dag is niet ver meer, getuige de massale afvaardigingen van de meeste agentschappen. Dagje vrij en ’s avonds een sportzak met samples mee naar huis, leuk!

Inzichten en sprekers. Ik sta altijd te kijken van hoe dat werkt. Maar ik ben old school. Meestal had ik het boek al op voorhand gelezen. Dat heeft verschillende voordelen. Ten eerste kun je ‘in depth’ proberen te gaan, in tweede instantie kun je genieten van de presentatieskills. Zijn die er niet dan heb je meer tijd om de zaal te verlaten en te ouwehoeren met collega’s of om je vrolijk te maken over iets anders. Ik heb veel meer tijd buiten het auditorium doorgebracht dan passief luisterend. Mijn stelling was altijd ‘als je naar hier komt om  voor het eerst te horen waarover die man/vrouw het heeft, dan kun je toch onmogelijk au sérieux genomen worden, dan ben je toch niet professioneel met je vak bezig’. Ik heb daar relatief weinig navolging in gekregen. Soit.

Dan het netwerken. Tussen de bedrijven door is er een grote ruimte waar iedereen koffie kan drinken. Best gezellig, ware het niet dat de logistiek van die operatie niet echt optimaal is. Probeer maar eens 1200 man koffie te geven op een half uurtj  tijd, dat is geen sinecure. Crowded is het woord. En beperkt in tijd, want hop, daar komt de belleman al langs voor de volgende sessies. Iedereen weer naar het auditorium om te luisteren.

Ook de lunch is een zogezegd netwerk moment, maar dat valt in de praktijk dik tegen. De acoustiek en de tafelzetting is dermate, dat zinvolle gesprekken enkel mogelijk zijn met je onmiddellijke buren. Meestal zijn dat vrienden, daar netwerk je niet mee, daar praat je mee, over de dingen des levens. Is het allemaal kommer en kwel, uiteraard niet, verre van zelfs, ik blijf het herhalen, ik ben er denk ik 15 jaar heen geweest, dus zo slecht kan het niet zijn. Het zijn gewoon randopmerkingen, meer niet.

En dan heb je nog de avondreceptie. Zonder nostalgisch te willen zijn, er is een periode geweest, toen het congres nog in Brussel werd georganiseerd, dat dat een echt feestje was. Erg verzorgd, met alle toeters en bellen. Naast fijne drankmomenten had dat eerlijk gezegd wel het voordeel dat je tijd had, en dat dat kon en mocht uitlopen. Puur zakelijk was het ook interessant om dan nadien met een paar mensen iets te eten in het Brusselse. vriendschapsbanden werden er gesmeed. Katers voorbereid.

De laatste jaren is dat vrij triest allemaal… die receptieruimte in het congres centrum in Gent, waar ze dan ook nog een keer hun best doen om nieuwe vondsten van het Inbev conglomeraat voor te stellen… echt sfeervol is het er niet en men blijft ook niet erg lang.

Dat is een probleem als het over netwerken gaat. Kortom, de netwerkmomenten zijn mij te beperkt en te geconcentreerd, en daarom lukt dat ook niet. Naast een groeiend ongenoegen over hoe mensen met elkaar omgaan, niet eens de moeite nemend om elkaar voor te stellen of raakvlakken te zoeken, maar daar heb ik het vroeger al eens over gehad.

Heb ik alternatieven? Jawel. Ik stel voor dat de sprekers hun kerngedachtes op slides zetten die continu overal zichtbaar zijn, in de toiletten, op de trappen, in de gangen, overal, overal, overal.  Er zullen vast ook wel slimme jongens zijn die leuke mobile apps kunnen ontwikkelen, enkel voor diegenen die op het congres rondlopen, kwestie van toegevoegde waarde te verzekeren. Die sprekers zelf lopen tussen de gasten , gedurende de rest van de dag, om zinvol te interageren.  The age of conversation management, weet je wel.

Voor de rest is het één grote open receptieruimte, met koffie, fris en wijn, zodat je echt de tijd kan nemen om elkaar te ontmoeten en over iets te spreken.

De congres commissie voorziet ook in kleine afgezonderde ruimtes, zodat je je kunt afzonderen, en al eens een iets delicater gesprek voeren, of waarom niet een closed seminar voor capita selecta. Daar kun je zelfs extra geld voor vragen, en het heeft het voordeel dat het interessant is.

Maak videoscreenings van de beste sprekers – op een ander congres – en vertoon die continu gedurende twee dagen, in aparte kleinere zaaltjes, organiseer workshops over bepaalde thema’s en laat de ‘reclamesprekers’ achterwege. Wat bedoel ik daarmee? Niet de mensen uit de reclamesector, maar diegenen die hun spreektijd gebruiken om reclame te maken voor zichzelf en hun bedrijf.  ‘Ik werd gevraagd om te spreken over community management in B to B context, en heb daar welgeteld een half uur voor gekregen, maar laat mij beginnen met mezelf en mijn bedrijf voor te stellen, en daarna ook wat commercials te laten zien, zo begrijpt u beter hoe wij de markt pakken…’ Geef die portie definitief aan fikkie.

’t is maar een gedacht hè…

Advertenties

4 gedachtes over “Het marketing congres

  1. Ik ga al vele jaren niet meer en vind trouwens dat in het internettijdperk de formule niet veel bijbrengt. Zoals je schreef heb je van de meeste sprekers hun laatste boek wel al gelezen of de presentatie geheel of gedeeltelijk op youtube gezien, en misschien met wat peers op LinkedIn er zelf al een boompje over opgezet. De contacten tijdens de pauzes vond ik meestal bedroevend. Ik zou liever een congres zien waar marketeers zich laten uitdagen door hun critikasters. Mensen uit financiële hoek, verkopers, ingenieurs, IT, enz. Marketeers blijven te veel in hun vertrouwde (veilige) omgeving en maken hun standpunten te weinig hard. Ik wil naar huis gaan met het idee: ‘zie je wel dat marketing werkt’ en het gevoel dat we weer wat terrein hebben gewonnen in het bedrijfsleven.

  2. Guido, ik had al gehoopt je tegen het atletische lijf te lopen, maar no such thing. Jammer.

    Het was nochtans nog eens een goed congres. Of liever, wat ik daaronder versta – en ik vermoed dat dat niet hetzelfde is als voor jou. De receptie ’s avonds? Ik denk niet dat ik die één keer heb meegemaakt, op die ondertussen twintig jaar. Baldadigheden? Heb ik altijd liever aan jou overgelaten … 🙂

    Maar voor de rest beschrijf je het heel precies: de warmte van het terugzien van concullega’s, de inderdaad lastige vraag of je dan blij bent hen te zien, of blij om te merken dat je toch blijkbaar iéts betekent in dit wereldje (hoe futiel toch …), het afzeiken van waardeloze sprekers,het blijven plakken beneden terwijl iedereen in de zaal zit, het gedrum om aan tafels te gaan zitten waar je uiteindelijk steeds naast dezelfde mensen zit, en hopelijk zijn het dan vrienden.

    Mocht dit klinken als nestbevuiling, dat is het niet. Wat net zoals jij heb ik het jarenlang gedaan, weliswaar met ambivalentie, maar toch maar mooi gedaan.

    En toch was ik blij dat het dit jaar … anders was. Waarom, kan ik niet precies zeggen. Het waren goede sprekers, dat helpt. Er leek minder volk te zijn. Maar het zat helm vooral in de sfeer. Het borstklopperige, het schreeuwerige, het shinyhappy was er minder dan andere jaren. Het was allemaal … menselijker.

    Ja natuurlijk nemen velen zich nog veel te serieus, natuurlijk kunnen anderen enkel in marketingtermen praten, ja ja ja, maar toch leken hier dit weekend vooral ménsen te zitten. Mensen met meningen, mensen met humor, mensen met problemen, mensen, quoi. Die toevallig in je branche zitten, dat wel.

    Guido, je weet net zoals ik dat sfeer ook (misschien zelfs vooral) “in the eye of the beholder” ligt. Misschien ben ik dat hele opgeklopte sfeertje zo beu, misschien heb ik, specifiek dit jaar, voldoende redenen om er gewoon te gaan staan en het spel niet mee te spelen, dat ik er zélf niet meer aan heb meegedaan, en misschien creëert dat andere gesprekken. Misschien extrapoleer ik gewoon. Dat kan.

    Maar ik denk dat het gewoon een goed congres was. Missed you.

    • Beste Piet,

      ik had al van Yves begrepen dat het inderdaad één van de betere cru’s was, en dat doet me plezier. Niet dat we nu ineens alle kritische zin moeten opzijschuiven. maar dat is niet voor het publieke forum. Het helpt inderdaad als je niet meer zonodig hoeft te schitteren en het iets contemplatiever kunt bekijken. Dat was al zo bij mijn laatste aanwezigheid, nu zo’n 3 jaar geleden. Misschien dat ik het volgend jaar nog een keer probeer. Gewoon om te zien of ik echt iets mis.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s