Beste Dagboek

Sangria & conversatie

Witte Sangria voor Nederlandse dame

Ik heb je verwaarloosd! Dat spijt me. Ik weet het, ik blog te weinig op dit moment.

Dat heeft veel te maken met ‘Het Geheime Project’, waar nogal veel energie en creatieve aandacht heen gaat.

Of met dat  andere projectje:  ‘Over de Grens’. zou het niet leuk zijn mocht ik er in slagen om met elk van die acht bijdrages als ‘meest gelezen’ van die dag te scoren? Dan kan ik misschien meer schrijven voor Nederlandse kranten en/of tijdschriften (ja, dit is een oproep!).

En ja, het broodschrijven eist ook zijn tol. En daar ben ik blij om. Hier en daar je creativiteit ten dienste mogen stellen van mensen die begrepen hebben dat ze goede content kunnen gebruiken voor hun online verhaal, ik ben er blij om. Lees verder

Advertenties

Mooie Jongens en Clichés

Heel af en toe overkomen er mij dingen die mij in verwarring brengen. Omdat ze mooi zijn, omdat ze niet meteen verwacht worden. Omdat het mij op de één of andere manier vrede schenkt met mijn omgeving. Dan suddert dat een tijdje, om onherroepelijk zijn uitweg te vinden in één of andere schrijfgulp. Zoals nu.

Vrees niets, het heeft niets te maken met een mogelijke bekering tot de Griekse beginselen, maar alles met mijn rotsvaste overtuiging dat mannen altijd jongens blijven. Hoe hard ze ook hun best doen om dat te verbergen. Godzijdank.

Een tijd geleden liep ik in de buurt van de Oudaan, een beetje te slenteren. Een vreemde etalage trok mijn aandacht. Het was wat donker en het hield het midden tussen een tweedehands boekenwinkeltje en een vintage designuitdragerij waar ze nog niet zo heel veel collectie stukken hadden, maar wel veel goesting. Eerste indruk.

De dagen gingen voorbij en het goede voornemen om er een keer binnen te stappen raakte naar de achtergrond, maar nooit helemaal. Op een avond deed ik het dan toch maar, toen ik  er een schemerlampje zag branden. De man achter het bureautje was onverstoorbaar en las verder, het soort cool waar ik een rechterarm voor zou geven.  Ik begreep het niet zo goed, er zat geen lijn in de boeken, geen thema, ze waren min of meer op kleur en formaat gesorteerd, onwerkbaar, van pulp tot dingen die ik zelf staan heb.

De mens achter zijn bureautje keek mij aan… “kan ik helpen?”

“Ja, leg het mij uit, ik worstel ook met het klasseren der boeken, maar hier ben ik niet mee met het systeem…. “begon ik aarzelend.

“Dan kennen wij elkaar, jij bent Guido(oohh), en ik ben de @pravdaman!”.

Ik weet niet wat dat met jullie doet, maar ik ben altijd blij als ik één van mijn virtueel meer stimulerende contacten ook in het echt tegenkom. Dat was nu niet anders. Tom vertelde, zacht, maar boeiend, met zo min mogelijk woorden, wat het nog mooier maakte. Het hele verhaal bleek een pop-up initiatief te zijn, storefront voor een speak-easy die zich achter de winkel bevond, Het Huis Happaert, ter gelegenheid van de 150ste verjaardag van Bacardi. Dat huis op zich is al adembenemend. De sfeer van die bar was zo juist, zo elegant en tegelijkertijd helemaal ongedwongen. Ik kan daar niet veel aan doen, maar als een verhaal juist is, in concept en uitvoering, en als de vent die er mij ook nog eens over vertelt zo totaal klopt in dat plaatje, dan ben ik verloren. “Ne schune pee, gelak of da me zegge in Brussel”.

Ik was meteen verkocht. Zodanig zelfs dat ik er de week later terug ging met twee jongens. Ik noem ze even. Het zijn forse namen, venten-namen die kunnen: Wim en Victor. Heiligschennis in Antwerpen, Victor is een Hollander. Leuke vent, ondernemer, de vleesgeworden empathie. Wim is een soort broer.

De jongens hadden zich aan hun woord gehouden en stonden op het afgesproken uur klaar. De verwondering over het boekenwinkeltje deed ook hier zijn werk, en zette het contrast met de opulente sfeer van de bar extra in de verf. Het is een magische plek, waar gesprekken tot hun recht komen, en dat was ook zo mooi en opvallend.

Zet drie venten op café en je krijgt een brallerige, grappige mix van verhaaltjes over voetbal, vrouwen, auto’s en ongein. Nu niet. Er werd zowaar ‘genipt’ van cocktails, meesterlijk bereid, en er werd gepraat, gediscussieerd, geluisterd. Dat het echte jongens waren bleek uit het debiet, dat niet verminderde. Dat het mooie mensen waren bleek uit het verhaal dat opvallend gelijkmatig verder kabbelde.

En toen ging Victor weg. De man moest immers nog naar Nederland terug. Het was al tien uur, dus dat kon je hem niet kwalijk nemen. Zoals dat gaat onder jongens, werd er afscheid genomen met een stevige handdruk en dat was het. Maar het geeft ook een andere soort intimiteit, als je dan met twee over blijft.

Hij was nog niet goed weg, of Wim vroeg me: “had jij ook zin om bij dat eerste rondje van elkaars cocktail te proeven?”. Uiteraard had ik dat ook overwogen, maar onder venten doe je zoiets niet… Het was ook die conventie, die hem er van weerhouden had om dat te doen. Zeker in het bijzijn van een derde. Ik vind dat mooi, grappig. En al helemaal als je er op het moment zelf wil over praten omdat het je ook wat hoog zit.

En toen we wilden afrekenen, een paar drankjes later, bleek dat onze Victor, die we nu met enige gepaste trots ‘vriend’ noemen, dat hele verhaal al op zich genomen had.  Zonder zeuren, zonder berekenen, gewoon. Omdat hij gruwt van clichés en een echte mens is.

Tom, Wim, Victor. Echte venten, mooie jongens en een feest om te kennen.

Ik moet meer luisteren naar mijn lief, ik moet meer…

Ik ben nogal betweterig bij momenten. Niet omdat ik denk dat ik het beter weet,  maar meestal omdat ik vind dat het aansluit bij het gezond verstand. Ik denk over bepaalde dingen na, met een zekere en – toegegeven –  bijwijlen onnavolgbare logica, en eens ik daar mee klaar ben, houdt het ook op. Dan is het gewoon zo, dan heb ik gelijk.  Meer dan eens echter niet…

Neem nu bijvoorbeeld die dingen waarmee ze wild beletten over te steken, van het ene gebied naar het andere. Dat is een kuil, met een soort metalen raster over, waar reebokken en everzwijnen niet over kunnen stappen of springen.

Ik heb een enthousiaste hond, die zich door niets of niemand laat tegenhouden. Onlangs liepen we over de Veluwe met dat beest, en ik zag zo’n ‘wildbrug’.  The K-woman advised me not to, maar ik wou toch wel eens zien hoe Spike het er van af zou brengen. Slecht dus… halverwege durfde het beest niet meer voor of achteruit. Mijn verstand ging uit van het temperament van mijn hond, K deduceerde dat iets wat door wildopzieners aller landen gebruikt werd allicht ook wel zou helpen voor een Weimaraner. Zij had gelijk, ik moest het eerst zien. En mijn hond terugdragen… La honte, pour les deux!

Idem dito over  het tijdstip van eten in Nederlandse provinciestadjes. Ik ga er van uit dat dat naar het Zuiden toe verlaat, omwille van siësta’s allerhande, maar tussen België en Nederland kan er toch niet zoveel verschil zijn? The K-woman heeft daar een substantieel deel van haar affectief leven geleid, dus zij weet het… ik moet het ondervinden.  Op zondagavond in Den Bosch, eten om 20u30, en je bent quasi alleen in het restaurant. Die mensen eten om 18u. En om 20u zitten ze thuis, voor de buis, gezellig naar Studio Sport te kijken, neem ik aan. Of de caravan nog een laatste polish beurt te geven.

En onlangs was het weer zover. Fietsen op de Veluwe.  Ik zie dat op zijn Vlaams. Rustig in de zon, en hier en daar wat afstappen, pintje drinken, wat kletsen. Fijn de middag vullen.

Ze keek me sceptisch aan, en vroeg of ik water bij had. Ik had helemaal geen water nodig! Ik pak de wereld, voor mij gaan alle deuren open, ik zou wel water of iets lekker vinden als het mij uitkwam… Maar niet in Holland! Na 30, 40 km fietsen door stoffige wegeltjes, kwamen we eindelijk in een dorpje.

Een soort spookdorp zou ik beter zeggen. Er was een frituur open (of is dat een kroketinstallatie?) en een ijssalon. That’s it! Niks gezellige terrasjes, grote koele pinten en fijne babbelmiddagen. Het leven is lijden bij de kezen, op zondag.

Neen, dan is het in Vlaanderen toch even anders, daar wordt precies aangegeven hoe lang je nog moet rijden eer je iets onder de tand kunt steken. Veel, en veel toffer!

Me like… en ik zal beter luisteren naar mijn lief, echt waar, ik ga het proberen.