Nogal een weerke, hè mijnheer?

Amai, dees heben we nog niet veel gezien – amai, noemt ge dat zomer – ik word zo slechtgezind van dat weer, dat kunt ge u niet voorstellen …
Hebt u er nog nodig?

Ik dacht tot voor kort dat het enkel bij de bakker en de beenhouwer (slager, voor de noorderburen, ik word daar namelijk ook gelezen) gebruikte, maar dat is niet zo. Het is iets universeel! De verlichte, intellectuele, avantgardistische meute op de sociale netwerken, wij allen, hebben het er ook over. Regen tijdens de spitsuren en je hebt zelfs twee hot topics, regen en file.

Dat verdient toch enige bespiegelingen. Eerst het echte leven. De bakker en de beenhouwer.

Het is natuurlijk een beetje een vreemde situatie. Ik snap dat als geen ander. U stapt een huis in dat niet het uwe is, en daar hangt een soort gewijde stilte, slechts onderbroken door het kapmes op het slagersblok, het spinnen van een snijwiel of het trillen van een broodsnijtoestel. U voelt de behoefte om die stilte te doorbreken… Net zoals u in een museum – waar immers ook dat soort stiltes hangt – tegen de suppost wat gaat ouwehoeren over het weer. Dat, eerder dan de Rubens aan de muur de aandacht te geven, die hij verdient. Of in de kerk, even aanlullen tegen mijnheer pastoor, of onze lieven heer dat nu toch niet even anders kon regelen? Aanlullen is misschien niet het correcte woord, gegeven de context.

Waarom? Waarom? Gaat het over het doorbreken van de stilte? of is het iets anders? Misschien is het wel gewoon omdat u de bakker dom vindt en tot niets anders in staat? Dat is toch ook niet erg netjes. Misschien kunt u hem complimenteren over zijn vakmanschap, en de kwaliteit van zijn producten. Misschien kunt u hem ook gewoon beschouwen als een normaal mens, zoals uw vader, uw broer, uw moeder, uw tante. In zoverre die mensen uiteraard normaal te noemen zijn, ik ken ze persoonlijk niet. En dan kunt u over honderden andere dingen praten. Een film die u gezien hebt, een boek dat u gelezen hebt, de pest van blaffende honden in de straat, maakt niet uit, als het maar een andere banaliteit is!

Of, misschien moet u nog een stapje verder gaan. Is het echt nodig om überhaupt te lullen of conversatie te maken? Tenzij u uit bent op een gratis portie hespenworst. Staat u er eigenlijk bij stil dat zo’n neringdoender in goede doen, op topdagen ziljoenen klanten moet bedienen en bijgevolg evenveel keer moet zeggen:  ‘Ja, Ja, maar nog een chance dat we’t zelf niet voor ‘t zeggen hebben, of ‘t zou ook niet goed zijn, met dat weer, iedereen klaagt toch, als ‘t boeren niet zijn, dan wel de klanten!’.

Laat die man zijn werk doen, misschien vindt hij het wel leuk om in alle stilte een varkenskoteletje uit te benen, zengewijs een lendestuk te ontzenuwen, een  mals lapje biefstuk vakkundig op den draad te snijden.

Of verwacht u echt dat hij als bijberoep meteoroloog is, en even monsterend door de vitrine zal kijken om dan bezwerend te mompelen: “Binnen een half uurtje trekt het open, ik zie de anticyclonale wig al aankomen’.

Die man is daar evenmin een expert in als al de anderen in de winkel, die braaf hun beurt afwachten om er ook even tegen aan te zeiken.

Stop daarmee. En stop er gelijk ook mee op twitter. De amusementswaarde, de informatiewaarde, het gehalte van conversatiestarter van een tweet als ‘Amai, wat een regen, hier in Borsbeek’. Really?!

Die van Borsbeek weten het. Die die er niet zijn hebben er geen zak aan. En al die anderen, die in Schilde, Mortsel, Hoboken, voelen plots de drang om aan te geven dat het bij hen ook zo is. Wie geeft er een vliegende neukpartij om (Vrije vertaling)?

Bakkers en het goede doel : roze tietjes!

Er is kennelijk iets te doen rond borstkanker.  Vergeef me dat ik daar niet altijd zo alert voor ben. Het is iets  met roze lintjes en zo. Ik ben daar volledig voor. Outing en zo.  Ik geef ook toe dat ik de tel en de kleur wat kwijt ben, rond al die lintjes, en ook of ik er voor of er tegen moet zijn.  Sommigen zijn voor iets, anders zijn voor de bestrijding van iets, en nog andere zijn tegen iets. En het is ook tijdsgebonden blijkbaar. Dat maakt het helemaal moeilijk. Vestimentair ben ik al niet o’n held, om dan ook nog eens om de haverklap een ander kleurtje op te spelden… pffftt. Livestrong, dat zijn geen lintjes, dat zijn armbandjes, dacht ik.   Waar ik vooral ook voor ben, dat is in het ongebreideld loslaten van creativiteit op dat soort initiatieven. En nu niet flauw doen met azalea’s of marsepein, neen, lohs gehen!

Neem nu de bakker van mijn dorp. Naast de Jommekes- en Samson-broden, de Sonia Kimpe vermagercroissants en de St Hubertus mastellen werd hij geconfronteerd met de warme oproep om een creatieve actie te bedenken rond het roze bortstkankerlintje.

Bakkers zijn handelaars. Ze denken mercantiel. Iets langs de lijnen van 2 kopen, 3 betalen. Of omgekeerd, laat ons daar niet klein over doen. Die van mij heeft er een extra dimensie aan toegevoegd, een vrije associatie als het ware… Borstkanker, borsten… zal ik eens een paar appetijtelijke gebakjes maken, die daaraan doen denken? En afwerken met een framboosje om vooral geen misvattingen te laten ontstaan. Beeldvorming, weet u wel.

Het resultaat is erg bevredigend. Bakkers aller landen, neem hier een voorbeeld aan, zo hebben wij op deze druilerige novemberdagen ook nog eens om mild vrolijk gestemd opnieuw de herfstnevel in te stappen.

roze tietjes

2 kopen, 3 betalen