Twitter, het nieuwe Farmville?

follow, please don't follow me

Ik heb een hatemail gekregen. Tenminste, zo kwam het over. Je zou ook kunnen zeggen dat het ruzie op de speelplaats is.

Gisteren heb ik wat orde op zaken gesteld in mijn twitter followers en de mensen die ik volg. Er zijn er die zeggen dat dat niet nodig is, ‘the more the merrier’, maar ik houd het graag overzichtelijk. Ik heb geen zin om door duizenden tweets te baggeren, om ergens iets zinvol op te pikken.  Via managetwitter was dat in een handomdraai gepiept, en had ik zo’n 200 niet erg actieve of niet bijzonder interessante ‘twitterati’ verwijderd.

Niet lang nadien kreeg ik een mailtje, van iemand die min of meer zei: ‘jij hebt mij ‘unfollowed’, awel, dan doe ik het zelfde met jou’. De néh, en de uitgestoken tong fantaseert u er zelf wel bij.

Ik wist helemaal niet dat het een spelletje ‘om ter meest was’! Stom van mij. Het is natuurlijk een hele andere insteek. En ik ga er ook niet aan mee doen. Het is toch totaal oninteressant om followers te willen sprokkelen? Net zoals bij het virale is dat een gevolg van de kwaliteit van je posts, of zou dat toch moeten zijn.

Het gaat voor mij om twee dingen: content en glimlach. Added value, quoi.

Tijdens de ronde van Frankrijk wil ik Lance Armstrong volgen. op dit moment  ben ik totaal niet geinteresseerd in zijn trainingschema’s, zijn kinderen, zijn nieuw lief, zelfs zijn charity initiatieven kunnen me niet boeien. Ik volg die man dus niet.

Ik volg met plezier absurditeiten, die niks toevoegen aan de business maar doen nadenken over de relativiteit der dingen.  Ik volg de kleine huishoudelijke beslommeringen van vrienden en vriendinnen. Zonder voorbehoud, en met inbegrip van taal- en spellingsfouten. Onvoorwaardelijk.

Voor al de anderen geldt: ‘amaze me, entertain me, surprise me, teach me, help me ‘. Wat er niet tussen staat, is ‘bore me’.
Ik heb geen behoefte aan navelstaren over de dagelijkse weerkerende strijd om uit bed te komen, ik geef er geen zak om dat je in restaurant het ‘floeren foefke’ zit, tenzij je me weet te vertellen dat de zwezerik daar uitermate geslaagd is.  Ik wil geen baby foto’s zien, echt niet. Wat niet betekent dat ik het totaal niet heb voor observaties, in tegendeel. Maar zoals in alles, moet er balans zijn.

Ook professioneel zit ik met wat issues. Ik leg het even uit.
Wie in ons vak niet weet wie Guy Kawasaki is (voor of tegen, daar gaat het nu even niet om), waar Mashable voor staat, of wie  een aantal self-proclaimed guru’s niet volgt, is eigenlijk niet goed bezig.

Wie de tweets van die mensen retweet, wil dus eigenlijk vooral indruk maken op de ‘minus habensen’ (latijn voor intellectuele onderdeur) van deze wereld.  Als groot fan van de Darwin Awards, ben ik daar eigenlijk niet zo blij om. Dommigheid moet uitgemendeld worden en niet in stand gehouden. Een warme oproep om dat niet meer te doen.
Dat je met de informatie van bovenstaande aan de slag gaat en daar iets leuk mee doet, valt daarentegen alleen maar aan te moedigen. volgens mij ben je dan aan een soort conversatie bezig (term schijnt in de mode te zijn, levert extra punten op!).

Retweets zouden juweeltjes moeten zijn, pareltjes van overwegingen, uit je eigen netwerk, die je de moeite waard vindt van een overpeinzing. Een teken van appreciatie ook. geen geslijm maar het sharen van inzichten en ideeën.

Oh ja, en de eerste die nog eens afkomt met 10 reasons to, 5 things that, 7 ass remarks to make, die kan het ook schuiven.

Willen we dan zo overeenkomen, dat we dat vanaf nu allemaal iets minder doen om nieuwe vriendjes te krijgen, maar meer bezorgd zijn om de inhoud? Willen we dat dan doen? Prettig weekend.